Slavendrijver

Slavendrijver of de laatsten zullen de eersten zijn
Als sommige mensen hun kont keren, dan gebeuren er rare dingen.
Neem de training van 10-10-10, sowieso al een datum met een magische klank. Ikzelf zat in Amsterdam, waar een fantastische voorstelling van Richard III van Shakespeare doorgespekt met liederen van Tom Waits erin slaagde mij de hele hardloperij te doen vergeten; Bob van Huët wandelde 19 kilometer over Noordzeestranden, waar hij voortdurend vlinders van zee zag komen en daarbij associaties kreeg met Boudewijn de Groot en golvende gedichten; en – last but not least – trainer Max vond zichzelf terug voor een korte vakantie in een warm oord, waar hij zich geen moment meer bezighield met de preek van de week. Max had nog wel de tegenwoordigheid van geest gehad om vooraf Henk II te vragen op deze zondagochtend de training te verzorgen. Welnu, dat hebben ze geweten, de 22 runners die wel aanwezig waren!
Henk verkeerde in de veronderstelling dat runners koelies zijn en dat hijzelf moest fungeren als slavendrijver. Tijd om in te lopen was er nauwelijks en voor loopoefeningen was er al helemaal geen tijd. De slavendrijver verdeelde de koelies in willekeurige zestallen. Van enige behoorlijke selectie op grond van capaciteit, shirtkleur, snelheid of intellect was geen sprake. Onder het motto “de laatsten zullen de eersten zijn” moesten de runners vervolgens een vol half uur draven, waarbij de laatste loper steeds de eerste werd door aan te geven wanneer er links- of rechtsaf werd geslagen.
Aansluitend werd er met dobbelstenen gegooid. Het aantal ogen zou bepalen hoeveel keer de koelies tegen een heuvel op moesten rennen.  Om beurten mochten de koelies dobbelen. Waarom, mag Joost weten, maar na verloop van tijd besloot de slavendrijver het aantal gegooide ogen te halveren. Martin Buitinck was als laatste aan de beurt en streefde er uiteraard naar om een 1 te gooien.
Intussen was iedereen helemaal afgepeigerd, maar het verlangen naar de douche besloot de slavendrijver niet te vervullen. Hij gooide er nog een piramideloopje uit. Gezanik alom: over hoeveel zijdes een vierkant heeft zodat het een rechthoek wordt met drie echte zijdes en iets wat daar op lijkt en dat je 1 minuut moet pauzeren als de lange zijde haaks staat op de korte, maar dan pas als……., etc., etc. Dat was voor visspecialist Peter van de Laar het sein om alle frustraties van de afgelopen jaren van zich af te gooien en voorop te gaan lopen, de rest amechtig hijgend achter zich latend. Altijd de laatste en nu de eerste! Hoe was dat in godsnaam mogelijk? Was hier stiekeme trainingsarbeid aan voorafgegaan? Was er een streng visdieet gevolgd? Was er misschien EPO  in het spel? Of was het pure zinsbegoocheling, omdat de koelies zich inmiddels het snot voor de ogen hadden getraind en het daarom allemaal niet meer zo helder zagen? Wie zal het zeggen? Zeker is dat het de gemoederen nog lang bezighield en nog lang zal bezighouden, al was het maar omdat er geen bewijsmateriaal voorhanden is, dat in deze kwestie opheldering zou kunnen verschaffen. Hoffotograaf Bob van Huët was immers aan zee. Waarom heeft niemand hem eigenlijk vervangen? Nu blijft veel in het luchtledige hangen. Moeten we het toch eens over hebben.
Kees de Ruwe
(met tekstbijdragen van Sebastiaan van Pinxteren)